Spoor – Systeem
Dit spoorsysteem werkt volgens Auroriaanse magneetinductietechnologie, maar is soberder en flexibeler.
Op lange, rechte stukken – bijvoorbeeld bij oversteken van een oceaan – wordt de geluidsbarrière doorbroken.
Met tienduizenden km/uur zweeft een trein in slechts enkele minuten tot uren naar de andere kant van de planeet.
Dit systeem werkt zonder personeel, dankzij de automatische beveiliging en omdat de reizigers alles zelf regelen.
Alle treinen zweven los en zijn ongeleed – pakweg 15 m lang – en herbergen elk ongeveer 40 zittende reizigers.
Elke dwars geplaatste bank – met neerklapbare, zachte armsteunen – biedt plaats aan minstens vier personen.
Meestal staan die banken twee aan twee tegenover elkaar, maar ze zijn ook allemaal in de zweefrichting te zetten.
De rugleuningen zijn namelijk met een druk op de knop omklapbaar. Reizen is hier tevens een sociaal gebeuren.
Dus minder slapen, telefoneren, computeren, lezen, eten, drinken, en meer naar buiten kijken, kletsen, knuffelen.
Net als op Aurorion, zijn de glazen zijwanden geheel opklapbaar. Je kunt tussen die wanden en de banken lopen.
Dit openbare vervoer kent geen dienstregeling of vaste lijnen, maar is geheel op ieders behoeften afgestemd.
Op computerterminals van de haltes staan alle ingezette treinen, inclusief beschikbare stops en aankomsttijden.
Jij beslist dan, of je hierop inhaakt – of een extra trein bestelt. In dat geval kies je op het scherm jullie bestemming.
En of je zonder tussenstops reist. Of dat je jullie trein als stoptrein tevens voor andere reizigers beschikbaar stelt.
Je kunt ook je favoriete routes – en nog veel meer – aangeven. Eveneens vanuit je trein tijdens de reis overigens.
Ook afkoppeling van het spoorwegnet en rijden over de weg – of zelfs varen – behoort tot de mogelijkheden.
Je hoeft binnen dit netwerk nooit over te stappen. In veel grote, moderne steden is de halteafstand slechts 700m.
Daar functioneert dit systeem tevens als metro. Elders heb je aanvullend vervoer, bijvoorbeeld met tramlijnen.
De Auroriaanse spoorgoot zou op Mohoron onveilig zijn, gezien de landschappen en de vogels op deze planeet.
Daarom is hier gekozen voor een monorail, die meestal op slechts enkele meters boven de straat loopt.
Op de beide aerodynamische koppen van elk trenstel bevindt zich een magnetische schoen, die contactloos het
onderste gedeelte van die monorail omvat. Elke schoen kan omlaag schuiven en met wielen over de weg rijden.
Tracés op maaiveld en in (berg)tunnels zijn zeldzaam. Soms is de baan gecamoufleerd of loopt door gebouwen.
Er bestaan geen centraal stations, want elke halte bevindt zich aan slechts één traject en heeft maar twee sporen.
Alle knooppunten, elk consequent met drie zweefrichtingen, zijn namelijk (net iets) buiten de haltes gelegen.
Van het hele wereldwijde spoornet zijn alle tracés – ieder tussen twee knooppunten – uiterst logisch genummerd.
Op die tracés hebben alle haltes een nummer. En tevens een naam, bestaand uit plaatsnaam en toevoeging.
Aan elk tracé- of haltenummer wordt zo nodig het spoornummer – 1 of 2 – toegevoegd.
Hierbij geldt spoor 1 vooral voor west naar oost of van noord naar zuid. En spoor 2 voor omgekeerde richtingen.
Alle trajecten bestaan uit vijf sporen. De buitenste voor doorgaande treinen. De binnenste voor stoptreinen.
Op het middelste spoor wordt gekeerd en worden alle extra in te zetten voertuigen opgesteld.
Alle sporen zijn overkapt. De dekplaat is voorzien van zonnecellen of – vooral bij bruggen – van een wegdek.
Hieronder lopen alle kabels, buizen en andere distributiesystemen van dit planetaire zenuw- en bloedvatenstelsel.
Bij elke halte dalen de stoptreinen tot op straatniveau. Beide doorzichtige zijwanden schuiven dan recht omhoog.
Zodoende wordt vanuit beide zijden van het voertuig gelijkvloers in- en uitgestapt. Ook als dit over de weg rijdt.
De meeste spoorbanen zijn vervaardigd van zijdeglans, donkergroengrijs metaal. Onopvallend, maar herkenbaar.
Ook de treinen – voor zover die niet doorzichtig zijn – zijn van zijdeglans, donkergrijsgroen met beige metaal.
Op alle plattegronden staan alle tracés aangegeven als donkergrijsgroene strepen.
En alle haltes met het Auroriaanse spoorlogo, dus een leeg diagonaal vierkant in een lege cirkel.
Alleen is donkerroodbruin hier vervangen door donkergrijsgroen. En mintgroen door
beige.
|